De verdeling van de inkomens tijdens de crisisjaren in België

België is de financiële en daaropvolgende economische crisis goed doorgekomen. Onze val in BBP groei was beperkt, de welvaartsstaat trad op als buffer (onder meer via het stelsel van de tijdelijke werkloosheid) en de middenklasse bleef goed beschermd. In De Morgen besloot Ive Marx dan ook terecht dat de sociale impact van de crisis in ons land mild is gebleven.

Een dimensie die in de berichtgeving over de stabiele situatie van de middenklasse wat buiten beeld blijft is wat er is gebeurd aan de onder- en bovenkant van de inkomensverdeling: is de welvaartsstaat voor iederéén een buffer geweest, of zijn de hoge of lage inkomens als verliezers of winnaars uit de bus van de voorbije crisisperiode gekomen?

Groei van het gezinsinkomen tijdens de crisis

Branko Milanovic, de gerenommeerde ongelijkheidsspecialist, tweette enkele dagen geleden zogeheten Groei Incidentie Curves (GICs) van een aantal erg uiteenlopend landen (IsraëlServië en Hongarije, Colombia, Spanje). Dergelijke curves tonen de reële groei van de inkomens in een bepaalde periode over de ganse inkomensverdeling; ze brengen expliciet de verdelingsdimensie van de vraag ‘wie wint, wie verliest’ in beeld. Dat inspireerde me om een dergelijke oefening voor België eens over te doen.

Figuur 1 toont de GIC voor de periode 2005-2011 (zwarte lijn), en opgesplitst naar de periode voor de crisis (2005-2007) en de periode tijdens de crisis (2007-2011), voor de Belgische bevolking. De bevolking is onderverdeeld in tien inkomensgroepen (zogenaamde inkomensdecielen) van laag (1) naar hoog (10). De inkomens zijn netto beschikbare gezinsinkomens (na aftrek van belasting en eventuele ontvangen uitkeringen meegerekend), uitgedrukt per capita. Dit is een algemeen gebruikte maatstaf van levensstandaard en van de consumptiemogelijkheden van gezinnen. Let wel, kosten voor huisvesting, schulden en dergelijke meer zijn niet opgenomen in deze statistieken, net zoals (de belangrijkste) inkomsten uit kapitaal. De gecumuleerde evolutie wordt getoond in reële termen, dus na correctie voor inflatie. Extreme waarden aan de top en onderkant van de inkomensverdeling werden gecorrigeerd via de zogenaamde winsorizing procedure.

Reële groei beschikbare inkomens, België, 2004-2011
FIGUUR 1. REËLE GROEI BESCHIKBARE INKOMENS PER CAPITA, BELGIË, 2004-2011

Over de periode 2004-2011 zijn alle inkomensgroepen er in reële termen op vooruit gegaan, maar een cumulatieve groei van 5% over een periode van 8 jaar is niet spectaculair. De opsplitsing in de pre-crisis en de crisisperiode levert wel interessante inzichten op: voor de crisis groeiden de laagste inkomens het snelst; tijdens de crisisjaren daalden de laagste inkomens, terwijl de middengroep beschermd bleef. De hoogste inkomens bleven stabiel. De grootteordes van winst en verlies bleven beperkt en grote schokken heeft onze economie niet gekend, zeker in vergelijking met landen als Spanje, maar de buffer heeft duidelijk niet voor iedereen even goed gewerkt.

En hoe verging het de andere landen?

Hoe doorstaat België met vergelijkbare landen? Figuur 2 toont GICs voor Nederland, Verenigd Koninkrijk, Duitsland, Denemarken en Zweden tijdens de crisisjaren 2007-2011 (2008-2012 voor Groot-Brittanië).

GIC van EU-landen, 2007-2011
FIGUUR 2. REËLE GROEI BESCHIKBARE INKOMENS PER CAPITA, BELGIË EN EU-LANDEN, 2007-2011

Opvallend is dat de kloof tussen de hoogste en de laagste inkomens groter werd in Zweden en Denemarken, twee Scandinavische landen die vaak als het sociale model par excellence naar voren worden geschoven. Deze evoluties stroken met de observatie dat zowel de armoede bij personen op actieve leeftijd als de inkomensongelijkheid significant gestegen zijn in de Scandinavische landen. De Denen met de laagste inkomens zijn er 15% op achteruit gegaan tijdens de periode 2007-2011, terwijl de hoogste inkomens hun beschikbare inkomen met 8% zagen stijgen. In Zweden ging iedereen er in reële termen op vooruit, maar de middenklasse (+11%) en de hogere inkomensgroepen (+15%) veel sterker dan de laagste inkomensgroep (+3%).

In vergelijking met de andere landen is het Belgische beeld erg stabiel. Een gelijkaardig beeld vinden we in Duitsland en Nederland, maar in tegenstelling tot in België gingen de laagste inkomensgroepen er in deze landen wél op vooruit, met respectievelijk 12% in Duitsland en 5% in Nederland. De hoogste inkomensgroepen gingen er in beide landen 5% op achteruit. In het Verenigd Koninkrijk ging elke inkomensgroep er maar liefst met meer dan 20% op achteruit. Zoals vermeld gaat het hier om partiële inkomensgegevens; de evoluties op vlak van vermogensongelijkheid (zie bijvoorbeeld hier voor Nederland) nemen we hier niet in ogenschouw.

Het is niet mogelijk om het effect van beleidsmaatregelen uit deze cijfers af te leiden. Het beschikbare gezinsinkomen is immers het resultaat van een complex samenspel tussen inkomsten uit arbeid en kapitaal, inkomsten uit andere bronnen, uitkeringen, en de fiscaliteit. Veranderingen in elk van deze factoren hebben repercussies voor het beschikbare inkomen van gezinnen. We weten wel dat de inkomens van de laagste inkomensgroep voornamelijk uit niet-arbeidsinkomsten bestaan, terwijl aan de top van de inkomensverdeling het omgekeerde geldt. Dat betekent dat veranderingen in de generositeit en de voorwaarden van de sociale uitkeringen die voornamelijk de laagste inkomens ten goede komen, bij deze groep het zwaarst zullen doorwegen.

Conclusie

In vergelijking met een aantal andere, rijke Europese landen is de situatie in België tijdens de crisis in ieder geval zeer stabiel gebleven. De grafische voorstelling van de reële evolutie van de beschikbare inkomens over alle inkomensgroepen laat zien dat de middenklasse werd gevrijwaard, maar dat de laagste inkomensgroep er in die periode op achteruit is gegaan. Dat is echter geen universele wetmatigheid: de landenvergelijking laat zien dat het niet onmogelijk is om ook de laagste inkomens te beschermen tegen welvaartsverlies. De volgende vraag is dan welke beleidsfactoren hiertoe kunnen bijdragen.

Share on LinkedIn0Tweet about this on TwitterShare on Facebook24

Een gedachte over “De verdeling van de inkomens tijdens de crisisjaren in België”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *